De vaas van Neerharen.
Van 21 mei tot en met 19 november 2006 liep er in het Limburgs Museum in het Nederlandse Venlo een interessante tentoonstelling over de Kelten onder de titel “Het geheim van de Kelten”. Deze zelfde tentoonstelling liep daarna
tot 17 mei 2007 in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden.
De inrichters en de medewerkers van deze beide tentoonstellingen maakten een lijst van de mooiste Keltische vondsten
uit het gebied tussen de Noordzee en het stroombekken van de Rijn. Op de achtste plaats stond en u leest het goed :
de zilveren vaas van Neerharen.






Deze zilveren vaas werd gevonden bij het uitbaggeren van de Zuid-Willemsvaart






in 1831 te Neerharen. Omdat we toen nog bij Nederland hoorden, werd de vaas 









overgebracht naar Leiden, waar ze tot nu toe veilig wordt bewaard.






Een replica ervan is op aanvraag te bezichtigen in het Gallo-Romeins museum






te Tongeren.






De vaas weegt meer dan één kilo en is een goed voorbeeld van het hoge niveau






van de Keltische edelsmeedkunst. In de vaas zijn veel Griekse en Romeinse 






invloeden merkbaar. De vaas is op de schouder versierd met geometrische motieven 





en kleine klaverblaadjes. De voet is ook met een bladmotief versierd, tezamen met 





een kettingmotief en golflijnen.
Het grote raadsel is de onderkant van de vaas. Daarop zijn ingekraste tekens te zien, die een combinatie van Griekse en Romeinse letters lijken te zijn. De betekenis van de inscriptie is echter onbekend. Eén van de hypotheses is dat het zou gaan om het gewicht of de waarde van de vaas.
(foto: © Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)
30-10-2008 - Eric Rogiers.
-------------------------
In de loop van de geschiedenis heeft het kleine Neerharen tal van personen gehad, die het ofwel in het religieuze leven ofwel in het burgerlijke leven hebben waargemaakt, hetzij in de wereld, hetzij in ons landje.
Dokter Guy VLIEGEN, oftalmoloog.
Guy Vliegen is er zo één, of beter, was er zo één. Hij is immers op 12 oktober 2007 te Wilrijk-Antwerpen overleden.
Hij werd geboren te Neerharen op 30 juni 1920 (volgens het Belgisch Oftalmologisch Gezelschap - BOG) of op 1 juli 1920 (volgens het parochieregister) als zoon van Dionysius Vliegen en Magdalena Guillaume.
Na zijn humaniora aan het Klein Seminarie te Sint-Truiden studeerde hij Geneeskunde aan de Katholieke Universiteit te Leuven. Hij specialiseerde er in de Oftalmologie (= Oogheelkunde).
Op 28 augustus 1946 trouwde hij te Lanaken met Jeanne Bogaerts. Ze vestigden zich in Antwerpen, waar hij naam en faam verwierf en waar hij zijn patiënten tot in oktober 2006 met hart en ziel verzorgde. Hij vierde er zijn 60 jaar oogarts, een diamanten-jubileum in de diamantstad.
Hij was recht en eerlijk, ethisch en collegiaal. Gewaardeerd door patiënten en collega's. Een bron van kennis (een echte bibiotheek). Zeer actief in het beroepsleven zowel op nationaal als op europees vlak. Hij was lid en voorzitter van de Nederlandstalige Erkenningscommissie, lid en ondervoorzitter van de Belgische Beroepsvereniging van Oogheelkundigen en 10 jaar secretaris-generaal van de sectie Oftalmologie van de Unie der Europese Medische Specialisten. Een hele mond vol.
Daarnaast speelde hij goed tennis en biljarte hij als de beste. In het jachtseizoen trok hij met vrienden en collega's naar de Ardennen. Ook trof men hem regelmatig aan in zijn geliefd Knokke om er zich te ontspannen.
Hij stierf te Wilrijk op 12 oktober 2007.